Wie denkt aan lassen, denkt vast dit: een man met lashelm, rook, vonken, dampen, en een heel fel, schitterend licht.

In deze blog leg ik je meer uit over lassen. Allereerst is het van belang het verschil te kennen tussen MIG en TIG lassen. Dit zijn twee typen booglassen. Beide processen zijn eenvoudig aan te leren en kunnen op een breed scala aan materialen worden toegepast. Maar laten we eens inzoomen op de verschillen.

MIG-lassen

MIG lassen staat voor metal iknert gals. Met andere woorden: metaalactieve gaslassen (MAG) of gasmetaal booglassen (GAMW). IN deze methode wordt er gebruik gemaakt van afsmeltende metaalelektroden. Een beschermend gas wordt vervolgens gebruikt om het lasgebied te beschermen tegen atmosferische zuurstoffen en verontreiniging uit de lucht. Vaak is dit beschermende gas Argon (Ar), en soms wordt het gecombineerd met koolstofdioxide. Dit hangt af van de toepassing. Er wordt gebruik gemaakt van een elektrische boog om het metaal te verhitten en de stukken te verbinden. Een automatische of semi-automatische bewerking is mogelijk. Deze methode werd oorspronkelijk toegepast voor het lassen van aluminium. Later werden ook andere metalen op deze manier gelast. Het voordeel van MIG-lassen is de snelheid ten opzichte van andere lasprocessen. Ook is het gebruiksvriendelijk en goedkoop. Maar MIG elektroden produceren een minder stabiee boog. Daarom kan de betrouwbaarheid van lasprofielen op den duur een probleem worden. Ook ontstaan er tijdens het lassen meer dampen, vonken en rook dan bij andere lasprocessen. Daardoor is het een minder schone toepassing.

TIG-lassen

Naast MIG-lassen heb je TIG-lassen. Dat staat voor Tungsten Inert Gas lassen. In dit geval is de elektrode die wordt gebruikt bij het lassen specifiek een Tungsten (W)-elektrode. Ook wordt er louter Argongas gebruikt, geen koolstofdioxide. Het algemene mechanisme is hetzelfde als van MIG lassen. Vaak wordt er voor TIG lassen gekozen bij het verbinden van non-ferrometalen. Maar ook wanneer ijzeren legeringen worden verbonden kan er voor TIG lassen worden gekozen. Dankzij de wolfraamelektrode is de verontreiniging tijdens het lasproces minder intens dan bij MIG lassen. Er zijn minder vonken en dampen. De nauwkeurigheid van het lassen is ook hoger. Maar het is een lastig en duur lasproces. De lasser moet ervaren zijn en de installatie van de techniek kost meer tijd.

Dus wat zijn nu de grootste verschillen op een rijtje? Bij MIG lassen is de elektrode die wordt gebruikt om te lassen hetzelfde als het metaal dat wordt gelast, maar bij TIG is het een speciiek wolfraamelektrode. Bij TIG wordt er uitsluitend argongas gebruikt als beschermgas, waarbij het bij MIG-lassen soms wordt aangevuld met koolfstofdioxide. En TIG-lassen vereist tenslotte meer oefening dan MIG-lassen door de complexiteit en krappe toleranties.

 

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *